Vroeger werkten we in de fabriek. Aan de productielijn, in elkaar zetten van dingen die weer massaal werden gekocht. We waren een onderdeel van de keten. En we verdienden allemaal ongeveer even veel.

Toen gingen we naar school. Om dingen te leren zodat we later een baan konden vinden. De economie groeide en ook de vraag naar geschoolde krachten groeide. De huizenmarkt explodeerde, evenals de middenstand en het aantal winkels en de marketingmachine kwam op gang. Het internet en de computer zorgden er verder voor dat alles sneller en goedkoper kon en moest.

Vandaag heb je de keuze om een onderdeel van de massa te zijn of om iets te maken waardoor je je van de massa onderscheidt. Iets maken of doen wat alleen maar door jou kan worden gedaan, gemaakt, gezegd, geschreven of bedacht.

Zodra iets echt aanvoelt als dat het van jou komt, dan ben je op de goede weg. Als je dat ding doet zodat je anderen kunt helpen te doen wat zij willen doen.

Wat is dat ding waarmee je anderen kunt helpen, te zijn wie zij willen zijn?